Jongerenwerker Steven

Ik ben zo vaak op straat dat ik fabeltjes over drugs inmiddels wel doorzie

"Hangen op straat gaat vaak gepaard met drugsgebruik. Wiet is zelfs zo 'gewoon' onder de jongeren, dat ik mezelf er op betrap dat ik dat nauwelijks meer meereken, maar dat is natuurlijk niet terecht. Ze drinken ook erg veel bier, vaak al op heel jonge leeftijd. En met speed, GHB, coke, XTC en nieuwe middelen wordt volop geëxperimenteerd."

Petjes en capuchons
Het aantal jongeren dat in Hoogeveense straten rondhangt is groot, vertelt Steven Sleurink van Stichting Welzijnswerk Hoogeveen. "In De Weide, een van mijn basiswijken, bestaat een groep van 55 hangjongeren, naast nog wat kleinere groepjes. De meeste buurtbewoners vinden zo'n groep eng, wat  door de beeldvorming in de media ook best begrijpelijk is. Toch, als je erop af stapt met open mind, met een niet-negatieve insteek, dan gebeurt er niks akeligs. Als je weet wie er onder dat petje of die capuchon zit, dan kun je hem de volgende keer gewoon bij zijn voornaam groeten. Onbekend maakt onbemind. Dat is een van de redenen dat we de jongens een tijdje terug bij de C1000 een barbecue hebben laten organiseren voor het winkelende publiek. Om ze kennis met elkaar te laten maken, om de onderlinge afstand te verkleinen. Want jongeren op hun beurt zijn natuurlijk net zo onzeker." 

Stagnerende ontplooiing
Het zijn vooral jongens met wie Steven te maken heeft, het aantal meiden is op twee handen te tellen. "Mijn werk is héél boeiend. Elke groep is anders en in die groepen zitten weer allemaal verschillende individuen, van wie ik de persoon erachter wil leren kennen. Ik wil ze kansen op ontwikkeling bieden, net zoals ik die zelf heb gekregen. Ik wil niet dat hun ontplooiing stagneert. Dus als ik merk of hoor dat het op school bergafwaarts gaat, dan ga ik me er intensiever mee bemoeien. Zorgen dat ze de gevolgen van bepaald gedrag inzien en het signaleren en stimuleren van hun talenten, zijn belangrijke onderdelen van het werk. Als ik een hulpvraag vermoed, ga ik diepgaandere gesprekken aan en zonodig probeer ik door te verwijzen."

Vertrouwensband
Over hun alcohol en drugs denken jongeren meestal te luchtig, vindt Steven. "Ze zien het als een soort spel: ze gooien bijvoorbeeld GHB in elkaars drankje om te zien wat het effect is. Tegen mij doen ze niet geheimzinnig over hun gebruik, ik heb een vertrouwensband met ze. Dat wil ik zo houden, dan bereik je meer. Daarom ben ik superblij met Rogier en Erwin van VNN. Die denken met me mee: hoe kan ik ingrijpen als ik echte problemen zie, zónder dat ik het vertrouwen kwijtraak."

Gevaarlijke mix
Steven doelt op Rogier Terpstra, preventiewerker bij VNN, en Erwin Noorman, outreachend jongerenwerker bij VNN (zie foto's). Met beiden werkt hij intensief samen. "Rogier en ik zitten - samen met vertegenwoordigers van het Veiligheidshuis en het CJG - in het Jeugdgroepenoverleg Hoogeveen. Als er in een bepaalde buurt veel overlast is, zetten we gezamenlijk acties op. Ook houdt Rogier me op de hoogte van actuele ontwikkelingen rond drugs en geeft hij me informatie over risicovolle drugs in de omgeving Hoogeveen  En ik kan altijd bij hem terecht als ik vragen heb. Onlangs hebben we samen een voorlichtingsbijeenkomst georganiseerd waarin de jongeren zelf mochten vertellen over hun gebruik. Dat was ook de insteek waarmee ik ze heb uitgenodigd en ik heb erbij gezegd dat ik een collega mee zou nemen die veel van drugs weet en die ik vertrouw. Maar liefst 25 jongens kwamen erop af en er is heel open gepraat. Rogier sprong er af en toe op in. Hij heeft bijvoorbeeld uitgelegd waarom drank en GHB een heel gevaarlijke mix is. Dat alleen al heeft best veel teweeggebracht."
"Erwin werkt, net als ik, op straat. Hij benadert jongens die gebruiken, met wie ik niets meer kan. Of ik verwijs naar hem door. Dat lukt vaak wel: ze vertrouwen mij, dus als het iemand is die ik ken dan zal het wel goed zitten." 

Vragen stellen
Begin 2012 heeft een VNN'er bijscholing gegeven aan een groep SWW-medewerkers: voorlichting over de werking van middelen en training in motiveringsgesprekken. Steven vond het een eye-opener. "Niet zozeer het signalerende deel, dat beheers ik wel. Ik ben zo vaak op straat, ook 's avonds, dat ik fabeltjes over drugs inmiddels wel doorzie. Ik heb vooral veel geleerd van het coachende deel. Ik weet nu veel beter hoe ik een jongere moet laten inzien wanneer iets de foute kant op gaat. Niet door hem iets op te leggen of aan te praten, dat schrikt af. Maar wel door vragen te stellen: dan laat je hem er zelf mee komen, dat heeft veel meer effect."