Interview gespreksleider DoePraatgroep

Anoniem chatten

Interview gespreksleider DoePraatgroep

Wat gebeurt er nou precies in een gespreksgroep voor kinderen en jongeren? Vinden deelnemers zo’n gespreksgroep in het begin spannend? Wanda Krzeminski is één van de gespreksleiders. Zij geeft op dit moment de DoePraatgroep voor kinderen tussen 8-12 jaar. “We luisteren naar elkaar. Simpelweg luisteren.”

Het draait om de kinderen
“Bij de start van de gespreksgroep merk ik wel eens dat kinderen het spannend vinden. Maar dat gaat snel over. We maken het gezellig. We hebben drinken en koekjes. En het helpt dat ik de ‘regie’ bij de kinderen zelf neerleg. In de eerste bijeenkomst schrijven we ‘regels’ op, dingen die zij belangrijk vinden. En ze mogen ook aangeven wat ze willen tijdens de bijeenkomsten, wat hun verwachtingen zijn. Hoe jong ze ook zijn. Het draait echt om hen.”

Ervaringen met elkaar delen
“Het allerbelangrijkste is de herkenning die kinderen bij elkaar vinden. Kinderen van ouders met een verslaving krijgen met teleurstellingen te maken. Wat dat betreft zijn ze snel volwassen. Het is fijn dat je in zo’n groep dan je ervaringen kunt delen. Want waar moet je dat anders vertellen? Op school doe je dat niet. We luisteren naar elkaar. Simpelweg luisteren.”

“Het valt me trouwens elke keer weer op hoe open de kinderen zijn. Over het algemeen komen de verhalen snel los. Wel merk ik dat ze vaak niet begrijpen wat er allemaal precies in hun thuissituatie gebeurt. Dat probeer ik ze dan uit te leggen. Zodat ze het een plekje kunnen geven.”

Herkennen van gevoelens

“Wat we precies doen in de gespreksgroep? Vanaf het begin staat het herkennen van gevoelens centraal. We leren de kinderen ook meer over wat verslaving eigenlijk is. Een verslavingsarts legt dit in begrijpelijke taal uit. Ook leren we ze hoe ze voor zichzelf mogen opkomen. Kinderen zijn namelijk vaak erg loyaal naar hun ouders toe.” 

“Soms stromen de kinderen uit de DoePraatgroep door naar de pubergroep (13-15 jaar). Dan is er ook aandacht voor het sociale netwerk van kinderen. En in de jongerengroep (16+) gaat het ook over loslaten en vasthouden. Hoe wordt je relatie met je ouders als je uit huis gaat? Wat laat je los en wat neem je mee? Op welke manier houd je contact? Ook hier speelt loyaliteit vaak een grote rol.”


“Het maakt me verdrietig” 
Als de gespreksgroep vordert merk je dat de kinderen hun gevoelens beter kunnen benoemen. Een voorbeeld… Een kind haar vader lag altijd in bed. Dat vond ze akelig. Voorheen had ze waarschijnlijk niks gezegd. Maar nu had ze tegen hem uitgesproken dat ze het niet leuk vond dat hij hele dagen in bed lag. “Het maakt me verdrietig”, had ze gezegd. Dat ze dat zo kon benoemen vond ik mooi.”  

“Naast het kunnen benoemen van gevoelens hoop ik dat ik de kinderen heb kunnen meegeven dat het niet aan hen ligt. Het is niet hun schuld. Kinderen kunnen dat echter wel zo ervaren.”

Ervaringen blijven delen  
“Vaak blijven we na de gespreksgroep contact met kinderen houden. En komen ze na bijvoorbeeld 6 maanden terug om opnieuw deel te nemen aan een gespreksgroep. Dat vind ik eigenlijk het mooiste compliment. Dat ze ons weer weten te vinden.”

“Je ziet ook dat deelnemers onderling contact blijven houden. De oudere kinderen via WhatsApp. Die gaan ook wel eens uit eten met elkaar. Dat vind ik prachtig. Want dan kunnen ze ervaringen blijven delen.”