Anoniem chatten

Veelgestelde vragen over verslaving

  1. Wanneer ben je verslaafd aan alcohol?

    Je bent verslaafd aan alcohol als je er afhankelijk van bent geworden.

    Je wordt afhankelijk als je steeds meer moet drinken (gebruiken) om het gewenste effect te bereiken, je ontwenningsverschijnselen krijgt als je niet drinkt of als je drinkt (gebruikt) om ontwenningsverschijnselen tegen te gaan.

     

     

  2. Hoe snel raak je verslaafd?

    Je raakt niet zomaar verslaafd, dat kan soms jarenlang duren. Het hangt af van het middel dat je gebruikt. Aan bepaalde middelen zoals heroïne, tabak en GBH raak je snel verslaafd, aan alcohol, wiet en XTC weer een stuk minder snel.

    Het is een proces dat bestaat uit een aantal fasen: van experimenteren, sociaal gebruik naar overmatig gebruik  en uiteindelijk een alles beheersende verslaving. Je kunt dan niet meer zonder en er ontstaan lichamelijke, psychische en sociale problemen.

  3. Wat is tolerantie?

    Tegen sommige verslavende stoffen bouwt het lichaam tolerantie op. Het lichaam breekt de gebruikte stof sneller af als het vaak en in grotere hoeveelheden wordt gebruikt. Hierdoor moet je steeds meer van het middel nemen om hetzelfde effect nog te kunnen voelen.

    Niet bij alle middelen is sprake van tolerantie. Bij alcohol en heroïne wordt wel tolerantie opgebouwd, bij cannabis (hasj en wiet) niet. Het hieruit voortvloeiende standpunt is dat alcohol en heroïne lichamelijk verslavend zijn en cannabis (hasj en wiet) niet. Dit betekent niet dat hasj en wiet niet verslavend zijn. Verslaving houdt namelijk ook in dat je psychisch afhankelijk bent.

    Lees meer over het ontstaan van verslaving in de whitepaper Wat is verslaving?

  4. Is verslaving erfelijk?

    Je kunt een erfelijke aanleg voor verslaving hebben. Maar ook andere zaken als opvoeding, je persoonlijkheid, je gewoontes en de omgeving spelen een belangrijke rol bij het ontstaan van verslaving.

  5. Eens verslaafd, altijd verslaafd?

    Als je verslaafd bent geraakt, vraag het nogal wat moed en doorzettingsvermogen om hiermee aan de slag te gaan. Het overwinnen van een verslaving kan een jarenlang proces zijn. Het betekent vaak dat je opnieuw inhoud moet geven aan je leven.

    De mate waarin dit haalbaar is, verschilt per persoon. Sommigen overwinnen hun verslaving en kunnen zonder het middel verder leven. Anderen zullen met hun verslaving moeten leren omgaan.

    Hoe langer je verslaafd bent, hoe lastiger het is om het patroon te doorbreken. En als je er eenmaal af bent, blijf je extra gevoelig voor het middel. Denk aan roken, je zit er als je niet oppast zo weer aan vast.

  6. Craving of trek is het onbeheersbaar verlangen naar een verslavend middel waar je afhankelijk van bent geworden. Dit dwangmatig verlangen kan ook aanhouden nadat je bent afgekickt. In welke vorm craving zich precies lichamelijk of mentaal uit, verschilt per middel.

     Lees meer op de pagina Wat is craving?

Veelgestelde vragen over drank

  1. Een black-out door alcohol is een stoornis van het korte termijn geheugen, waardoor geheugenverlies ontstaat. Je kunt je de volgende ochtend niet meer herinneren wat er gebeurd is.
    Bij iemand met een black-out ligt het alcoholpromillage meestal tussen de 1,5 (dit zijn ongeveer 8 tot 10 glazen) en 3.
    Een black-out is een duidelijk signaal van veel te veel alcohol drinken. De hersenen, die gevoelig zijn voor alcohol, kunnen dit gewoon niet aan.

    Lees meer over een black-out door alcohol.

     

     

     

     

  2. Iemand aanspreken op zijn of haar drankmisbruik is best lastig. Zeker als de persoon zelf volhoudt dat er niets aan de hand is.
    Toch geven we je graag een aantal tips over hoe je om kunt gaan met een drinker:

    • ​​​​​​​Laat het maar eens misgaan
    • Houd de grote lijnen van de drinker in de gaten (om bij te springen als het misgaat)
    • Maak duidelijk dat je er altijd bent
    • Geef duidelijk aan dat je samen naar een oplossing wilt zoeken
    • Ruim geen lege flessen op, koop geen alcohol, zeg geen afspraken af
    • Ga een uit de hand gelopen ruzie niet sussen

    Bekijk ook de webinar 'Omgaan met het drankprobleem van de ander'

     

     

     

  3. Als je zwanger wilt worden, zwanger bent of borstvoeding geeft kun je beter geen alcohol of drugs gebruiken. En niet roken. Van deze middelen zijn de volgende effecten bekend:

    • Vermindering van de vruchtbaarheid bij zowel de vrouw als de man
    • Schadelijk voor het ongeboren kind en grotere kans op een miskraam
    • Verstoren van de ontwikkeling van een kind met ernstige en blijvende gevolgen op geestelijk en lichamelijk gebied

    Veilige grens
    Als je alcohol, drugs of tabak gebruikt, is er risico op een complicatie tijdens de zwangerschap. Ook als je weinig gebruikt. De praktijk wijst uit dat heel weinig op het verkeerde moment ook slecht kan uitpakken. De enige veilige keus is om niets te gebruiken als je zwanger wilt worden, zwanger bent of borstvoeding geeft. Dus niet drinken, geen drugs gebruiken en niet blowen tijdens je zwangerschap.

    Lees er ook over de risico's van alcohol en tabak bij zwangerschap En als je wilt stoppen met roken, lees Roken tijdens de zwangerschap

    Ben je professional en wil je meer weten over Verslaving en zwangerschap, lees dan het Alcohol- en drugsprotocol 

  4. Wat is tolerantie?

    Tegen sommige verslavende stoffen bouwt het lichaam tolerantie op. Het lichaam breekt de gebruikte stof sneller af als het vaak en in grotere hoeveelheden wordt gebruikt. Hierdoor moet je steeds meer van het middel nemen om hetzelfde effect nog te kunnen voelen.

    Niet bij alle middelen is sprake van tolerantie. Bij alcohol en heroïne wordt wel tolerantie opgebouwd, bij cannabis (hasj en wiet) niet. Het hieruit voortvloeiende standpunt is dat alcohol en heroïne lichamelijk verslavend zijn en cannabis (hasj en wiet) niet. Dit betekent niet dat hasj en wiet niet verslavend zijn. Verslaving houdt namelijk ook in dat je psychisch afhankelijk bent.

    Lees meer over het ontstaan van verslaving in de whitepaper Wat is verslaving?

  5. Wat is binge drinken?

    Binge drinken is het in korte tijd een grote hoeveelheid alcohol drinken (6 glazen of meer).

    Onder jongeren wordt de term gebruikt als het gaat om drinken om dronken te worden.

    Dit onverstandige drinkgedrag kan zeer ernstige risico’s met zich meebrengen. Bijvoorbeeld:

    • Een veel te hoge bloeddruk
    • Een alcoholvergiftiging
    • Schade aan de organen
    • Kans op een black-out
    • Vergrote de kans op een hartinfarct.

    Bij binge drinken in de tienerjaren is de kans op overgewicht (obesitas) en een te hoge bloeddruk (op latere leeftijd) 4 keer zo groot als bij leeftijdsgenoten die niet overmatig veel drinken.

     

  6. Bij een vergiftiging door alcohol wordt de concentratie alcohol in je bloed en hersenen zo hoog dat je bewusteloos, of in coma kunt raken. In een coma kan het zenuwstelsel zo sterk verdoofd worden dat ook je ademhalingscentrum verlamd raakt, wat dodelijk is.

    Je kunt een alcoholvergiftiging oplopen vanaf 4 promille (promillage: de maat die de concentratie van alcohol in het bloed aangeeft). Dit bereik je door meer dan 20 glazen alcohol in een paar uur te drinken.

    Hoe snel je een alcoholvergiftiging krijgt, verschilt sterk per persoon. Jongeren krijgen het eerder, omdat ze minder lichaamsvocht hebben.
     

Veelgestelde vragen over drugs

  1. Drugs zijn middelen die de hersenen prikkelen. Ze kunnen ontspannen, verdoven, oppeppen en je waarneming veranderen waardoor je de wereld anders ziet en beleeft. Mensen gebruiken drugs voor hun plezier, om zich beter te voelen of om in een roes te komen.

    De meest gebruikte drugs zijn alcohol en tabak. Van de verboden drugs is cannabis, de verzamelnaam van hasj en wiet, de meest bekende drug.

    Lees verder op de pagina Wat voel je als je drugs gebruikt?

  2. Vind je als ouder iets ‘verdachts’ tussen de spullen van jouw kind? Gedraagt je kind zich anders dan anders en is hij of zij abnormaal vaak de deur uit?
    Als ouder wil je weten of je kind wel of niet drugs (heeft) gebruikt en hoe je dit kunt achterhalen. Ondanks de symptomen van drugsgebruik kan het toch nog lastig zijn om de waarheid goed boven tafel te krijgen. Het is belangrijk dat je met je kind in gesprek gaat om te kijken of je vermoeden juist is, of dat er misschien iets anders aan de hand is.

    Lees meer een gesprek over drugsgebruik en het stellen van regels en grenzen.

  3. Er zijn veel drugsvarianten die in uitwerking en risico van elkaar verschillen. We hebben de meest voorkomende drugs hieronder voor je op een rijtje gezet. Lees vooral goed wat de risico's van een drug kunnen zijn. 

  4. Vaak wordt er gedacht dat je naar een nog zwaardere drugs gaat verlangen als je hasj of wiet gebruikt, maar uit onderzoek is gebleken dat dit niet het geval is. Van het roken van hasj of wiet ga je dus niet eerder andere of zwaardere drugs gebruiken.

    Recent onderzoek heeft wel aangetoond dat er door het gebruik van alcohol en roken op jonge leeftijd veranderingen in je hersenen optreden, waardoor je op latere leeftijd wel meer geneigd bent om overmatig drugs te gebruiken of een verslaving te ontwikkelen.

    Meer weten over hasj en wiet, en de risico’s? Ga naar de pagina Hasj en Wiet.

     

  5. Je kunt verslaafd raken aan wiet roken. Als je het (bijna) dagelijks moet gebruiken om je goed te voelen en als je stress krijgt wanneer je eraan denkt dat je zou moeten stoppen.

    Als je stopt is de kans groot dat je ontwenningsverschijnselen krijgt. Denk aan prikkelbaarheid, onrust, maar ook heftig dromen en zwetend wakker worden.

    Bij hasj en wiet ontstaat tolerantie. Dat betekent dat iemand die dagelijks blowt het middel daarom anders en minder heftig ervaart dan iemand die zo nu en dan blowt. Na een tijd stoppen kan een eerste joint daarom heftig zijn.

     

  6. Hoe kun je hasj of wiet gebruiken?

    Je kunt hasj en wiet (cannabis) roken, eten en drinken. De risico´s hangen samen met de manier van gebruiken. Roken kan op 3 manieren. Meestal wordt een stickie (of joint) gerookt. Een enkeling gebruikt een (water-)pijp of een vaporiser. Hasj en wiet kun je ook drinken als thee of als hasjmelk. De risico’s van overdosering bij verwerken in thee of melk zijn groot.

    Cannabis opgelost in boter kan verwerkt worden in bonbons, gebakjes en (space)cake. De effecten van spacecake beginnen later, zijn heftiger en duren langer dan bij het roken van wiet of hasj.

    Lees meer over hasj en wiet

  7. Wiet (of marihuana) is vaak minder sterk en goedkoper dan hasj. In wiet zit in verhouding vrij veel blad van de cannabisplant. In hasj zit vooral hars uit de bloemtoppen die een hogere concentratie van de werkzame stoffen (als THC) bevat.
    Hasj bevat minder bladmateriaal dan wiet en heeft daardoor meestal een hogere concentratie van werkzame stoffen.

    Lees de hele pagina Wat is het verschil tussen hasj en wiet?

  8. Als je in een ruimte zit met andere blowers, ook al is dat gedurende een lange tijd, dan word je daar als niet-blower niet stoned van. Je krijgt daarvoor niet voldoende werkzame stoffen binnen. Zelfs al staat het er blauw van de rook.
    Het kan wel zijn dat je bij heel veel rook, in een kleine ruimte, meetbare concentraties van de stoffen binnenkrijgt, maar daar merk je zelf niets van.

  9. Als je zwanger wilt worden, zwanger bent of borstvoeding geeft kun je beter geen alcohol of drugs gebruiken. En niet roken. Van deze middelen zijn de volgende effecten bekend:

    • Vermindering van de vruchtbaarheid bij zowel de vrouw als de man
    • Schadelijk voor het ongeboren kind en grotere kans op een miskraam
    • Verstoren van de ontwikkeling van een kind met ernstige en blijvende gevolgen op geestelijk en lichamelijk gebied

    Veilige grens
    Als je alcohol, drugs of tabak gebruikt, is er risico op een complicatie tijdens de zwangerschap. Ook als je weinig gebruikt. De praktijk wijst uit dat heel weinig op het verkeerde moment ook slecht kan uitpakken. De enige veilige keus is om niets te gebruiken als je zwanger wilt worden, zwanger bent of borstvoeding geeft. Dus niet drinken, geen drugs gebruiken en niet blowen tijdens je zwangerschap.

    Lees er ook over de risico's van alcohol en tabak bij zwangerschap En als je wilt stoppen met roken, lees Roken tijdens de zwangerschap

    Ben je professional en wil je meer weten over Verslaving en zwangerschap, lees dan het Alcohol- en drugsprotocol 

  10. In spacecake zit hasj of wiet, net als in een joint of pijp. De werking is wel anders. Je merkt pas wat na 3 kwartier tot 1,5 uur. Het effect is vaak heftiger dan bij roken van hasj of wiet. En het houdt veel langer aan, dat kan wel 5 tot 12 uur zijn. Goed om te weten als je na het eten van de spacecake nog andere dingen moet doen.

    Lees meer op de pagina ‘Wat zijn risico’s van spacecake’

     

  11. Jongeren moeten leren omgaan met genotmiddelen. De ene jongere zal experimenteren met alcohol, de ander met wiet. Dit uitproberen en leren maat houden hoort bij een normale ontwikkeling naar volwassenheid. Meestal hoef je je hier geen zorgen over te maken, maar veel ouders raken toch onzeker als ze ontdekken dat hun kind drugs gebruikt. Het direct verbieden leidt meestal tot stiekem gebruik. En dat gaat ten koste van het contact met je kind.

    Contact houden met je kind
    Een geruststelling: meestal gebruiken jongeren na verloop van tijd minder wiet of hasj of ze stoppen zelfs helemaal. Soms duurt een fase van uitproberen langer of is er sprake van stevig gebruik. Ook dit hoeft niet slecht af te lopen. Er kan zich een nieuwe fase aandienen waarbij je kind meer aandacht heeft voor zijn of haar werk, studie of een relatie.
    Het belangrijkste dat je kunt doen, is het contact met jouw kind over zijn drugsgebruik zo open mogelijk houden. Een paar tips:

    Vraag informatie
    Vraag je zoon of dochter wat voor soort drugs hij of zij gebruikt en zoek uit wat voor middel dit is. Het kan onnodige onzekerheid wegnemen als je weet waar je over praat. Mocht je kind een vraag stellen, dan kun je hem of haar objectieve informatie geven.

    Praat rustig en open
    Praat met je kind waarom, waar en wanneer hij of zij gebruikt. Kies een goed moment en praat er rustig en open over. Kondig aan waar je het over wilt hebben. Geef je mening, zeg eerlijk dat je bezorgd bent. Probeer te voorkomen dat emoties de boventoon voeren en veroordeel niet. Betrek ook de mening van je kind in het gesprek. Praat ook over de plezierige kanten van het gebruik. Vertel eventueel ook wat jouw eigen ervaringen met alcohol of softdrugs zijn.

    Toon interesse
    Al laat je kind soms het tegendeel blijken, toch ben je belangrijk voor hem of haar als raadgever. Toon daarom interesse in wat je kind doet en wat hem of haar beweegt. Als je dit niet doet kan jouw kind het idee krijgen dat het je allemaal niet uitmaakt wat hij of zij doet.

    Geef regels en stel grenzen
    Als jouw kind net met het gebruik van hasj of wiet begonnen is, zal er alleen op de positieve kanten gelet worden. Probeer samen met je kind afspraken te maken over de hoeveelheid en de momenten waarop hij of zij mag gebruiken. Bijvoorbeeld alleen in het weekend en niet op een schooldag of als er nog geen huiswerk is gemaakt. Het stellen van zulke grenzen geeft jouw kind het gevoel dat je betrokken en geïnteresseerd bent.

    Voorkom verveling
    Komt het gebruik van alcohol en drug voort uit verveling? Dan is het goed om samen met je kind te praten over een invulling van zijn of haar vrije tijd. Het is vaak een leuke aanleiding om samen met je kind iets te ondernemen.

    Wanneer moet ik mij zorgen maken als mijn kind blowt?
    Het blowen van je kind is riskant als er niet meer gebruikt wordt omdat het lekker of gezellig is, maar om bepaalde gevoelens of problemen weg te drukken.
    De volgende vragen kunnen helpen om te onderzoeken of je je zorgen moet maken:

    • Gaat mijn kind nog wel regelmatig naar school?
    • Is mijn kind vrolijk of maakt hij of zij een ongelukkige, gespannen of depressieve indruk?
    • Gaat mijn kind nog wel naar de sportclub?
    • Verwaarloost mijn kind zijn of haar vriendenkring?
    • Gebruikt mijn kind het blowen als troost of vlucht?

    Kan ik ook hulp krijgen als mijn kind blowt?
    Je kunt deelnemen aan een oudercursus van VNN als je je zorgen blijft maken om het blowgedrag van je kind. Kijk bijvoorbeeld bij de oudercursus 'Help! Mijn kind gebruikt' En lees meer over de gespreksgroepen voor ouders
    Natuurlijk beantwoorden we ook graag de vragen die misschien nog bij jou spelen. Neem gerust even contact met ons op.

Veelgestelde vragen voor naasten (ouders, partners)

  1. Vind je als ouder iets ‘verdachts’ tussen de spullen van jouw kind? Gedraagt je kind zich anders dan anders en is hij of zij abnormaal vaak de deur uit?
    Als ouder wil je weten of je kind wel of niet drugs (heeft) gebruikt en hoe je dit kunt achterhalen. Ondanks de symptomen van drugsgebruik kan het toch nog lastig zijn om de waarheid goed boven tafel te krijgen. Het is belangrijk dat je met je kind in gesprek gaat om te kijken of je vermoeden juist is, of dat er misschien iets anders aan de hand is.

    Lees meer een gesprek over drugsgebruik en het stellen van regels en grenzen.

  2. Wat je als naaste het beste kunt doen is praten over het drinken of drugsgebruik. Maar dat is niet gemakkelijk. Een bekend verschijnsel bij verslavingsproblematiek is dat de persoon het drinken of drugs gebruiken ontkent. Of hij geeft aan te drinken of drugs te gebruiken, omdat er zoveel problemen zijn. Het omgekeerde is echter waar. Veel problemen ontstaan juist door drinken of drugs gebruiken en verdwijnen bij minderen of stoppen.

    Lees meer bij Omgaan met de verslaving

  3. Familieleden en andere naasten van cliënten hebben een zelfstandig klachtrecht en kunnen terecht bij de familievertrouwenspersoon (FVP). De FVP steunt bij het leggen en onderhouden van contacten met behandelaren en managers van VNN. Hij zet zich in voor een zo goed mogelijke samenwerking tussen de instelling en jou als naaste.

    Je kunt de FVP bellen of mailen om een afspraak te maken:

    Aart van der Horst, telefoon: 06 15 14 74 98
    E-mail: a.vanderhorst@lsfvp.nl 

    Wil je meer informatie? Bel dan naar de advies- en hulplijn 0900 333 22 22 (10 ct./min.) op werkdagen van 9.00 tot 12.00 uur of kijk op de website van Landelijke Stichting Familie Vertrouwens Persoon www.lsfvp.nl

Veelgestelde vragen over behandeling bij VNN

  1. Jouw zorgverzekeraar vergoedt de behandeling bij VNN. Maar er zijn veel regels over kosten voor hulp. De belangrijkste zaken hebben we voor je op een rij gezet. Lees meer op de pagina Kosten van behandeling.

  2. Afkicken van een middel is vaak een kwestie van vallen en opstaan, soms moet de behandeling dan ook herhaald worden. Het is ook belangrijk of je steun of juist tegenwerking krijgt uit jouw omgeving. En hoe eerder je erbij bent, hoe groter is de kans op herstel.

    Heel belangrijk is jouw motivatie: je moet het echt willen. Van een verslaving afkomen is een zware opdracht, daar draaien we niet omheen. Onze ervaring leert dat het ontwennen gepaard gaat met heftige confrontaties en keuzes. Maar veel mensen met een verslaving zijn je voorgegaan en zijn geslaagd in hun missie: een leven zonder alcohol, drugs of andere verslavende middelen of gewoontes. Wij helpen jou om de eerste stappen te zetten.

  3. Mag VNN informatie over mij aan anderen buiten VNN geven?
    Wij delen je persoonsgegevens met verschillende derden als dit noodzakelijk is voor het uitvoeren van de overeenkomst en om te voldoen aan een eventuele wettelijke verplichting, zoals zorgverzekeraars of de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Met bedrijven die je gegevens verwerken in onze opdracht, sluit VNN een verwerkersovereenkomst om te zorgen dat het niveau van beveiliging en vertrouwelijkheid van je gegevens aansluit bij hoe wij met je gegevens omgaan. Wij blijven namelijk verantwoordelijk voor deze verwerkingen. 
    Als VNN je persoonsgegevens deelt met derden zonder dat er een wettelijke verplichting voor is of dat noodzakelijk is voor het aangaan of uitvoeren van de overeenkomst dan doen wij dit alleen met jouw nadrukkelijke toestemming.
    In het kader van je behandeling delen we alleen gegevens, zoals een diagnostiek, evaluatie- of eindverslag over je behandeling, met een andere zorgverleners (bijvoorbeeld je huisarts) als je daar toestemming voor gegeven hebt.

  4. Wie van VNN mag mijn dossier inzien?
    Medewerkers van VNN die direct bij de hulp aan jou betrokken zijn, mogen je dossier inzien. Over de inhoud van je dossier mogen zij niet met anderen spreken; er geldt een geheimhoudingsplicht. Voor een goede hulpverlening kan het nodig zijn dat je begeleider of behandelaar je gegevens bespreekt met een collega. Hiervoor zijn wij niet verplicht jouw toestemming te vragen. Uiteraard zijn alle collega’s gehouden aan de geheimhoudingsplicht.

Veelgestelde vragen over opname in een verslavingskliniek

  1. Verslavingsproblemen komen overal voor in de maatschappij. De alcoholisten en drugsverslaafden die iedereen wel kent, blijken in de kliniek ineens gewone mensen te zijn met hun eigen problemen en emoties. Je zult in elke verslavingskliniek mensen met verschillende achtergronden tegenkomen, ook mensen zoals jij. Probeer vooral om begrip en respect te hebben voor elkaar.

  2. Voor iedereen komt er een moment om de kliniek te verlaten. Het verschilt per cliënt en doel van de opname na hoeveel tijd dat is. VNN regelt de nazorg of het vervolg na de opname in de verslavingskliniek zo goed mogelijk. Dat kan door:

    • een poliklinisch contact voort te zetten
    • aan een groep te blijven deelnemen
    • een verwijzing naar begeleid wonen
    • een andere opvangmogelijkheid
    • opname in een andere kliniek
  3. In onze klinieken zijn, zoals je zult begrijpen, omgangsregels. De bedoeling hiervan is dat iedereen weet waar hij aan toe is en dat de omgang met elkaar prettig verloopt. Verder maken we samen met jou afspraken over de behandeling. Die afspraken hangen samen met het doel waarvoor je bent opgenomen en deze worden vastgelegd in je persoonlijke behandelplan.

  4. Er zijn afspraken over het ontvangen van bezoek. Daar kan in overleg met de begeleiding van afgeweken worden. In de loop van de opname betrekken we ook je familie of andere naasten bij de behandeling.

  5. De klinieken hebben een dagprogramma, waaraan je met andere cliënten samen en individueel deelneemt. Het programma kan doorlopen tot in de avond. Er is ook tijd ingebouwd om eigen zaken te regelen. Als je niet aan het dagprogramma kan deelnemen, bespreken we een alternatief.

  6. De methode van ontwennen kan per gebruikt middel en gebruikte hoeveelheid verschillen. Als het om het drinken van alcohol gaat, vragen we je om ineens te stoppen met drinken. Mocht je last krijgen van heftige ontwenningsverschijnselen, dan kunnen we voor korte tijd medicijnen voorschrijven. Bij andere middelen dan alcohol is het verstandig het gebruik geleidelijk te verminderen of om een bepaalde periode een vervangend middel te gebruiken.

  7. De term 'opgesloten' is niet juist. Het gaat bij iedere opname om vrijwillige behandeling. Wij kunnen je niet dwingen en dat helpt ook niet om verslavingsproblemen aan te pakken. Als een opname gericht is op het ontwennen, het afkicken, kunnen we afspreken dat je een tijdje alleen in groepsverband en onder begeleiding naar buiten gaat. We doen dat om je te beschermen en je te helpen een moeilijke periode door te komen. Verder verschilt de opnameduur per persoon en per behandeling, variërend van een aantal dagen tot een aantal maanden.